De trend voorbij
Martijn van Dam

Martijn van Dam

Staatssecretaris, Ministerie van Economische Zaken

Er gebeurt veel rond voedsel. Ieder jaar komt er van alles bij: festivals, foodies, foodtrucks, coöperaties, en digitale platforms als deze. Hieraan kun je zien hoe bewust Nederland met voedsel bezig is. Dat mensen niet alleen geïnteresseerd of kritisch zijn, maar ook zélf nieuwe eetgewoonten aannemen. En dat we de vernieuwingstrend voorbij zijn. De betrokkenheid rond ons eten is blijvend groot.

Ik heb zelf ook deelgenomen aan de buzz, via de voedseldialoog. In die dialoog werden bewuste en betrokken ondernemers, deskundigen en consumenten uit heel Nederland geprikkeld om naar elkaar te luisteren en samen oplossingen voor morgen te bedenken. Een beetje zoals bij Nederland Voedselland. Dit verdient alle ruimte, vind ik.

Een allesomvattend verhaal

Daarbij viel op, dat een gesprek over voedsel zelden op zichzelf staat. Veel mensen hebben oog voor de verbanden en de hele keten van grond tot mond. Het gaat vaak over meer. Over wat de boer voor zijn inspanningen krijgt. Over dierenwelzijn. Herkomst. Of de koe in de wei gelopen heeft. Hoe duurzaamheid is toegepast in de keten. En moet er nu een keurmerk bij of af? Hoeveel CO2-compensatie hebben de boontjes nodig? Wat gaat er op de boterhammen van onze kinderen? En wat weten kinderen zélf van de pindakaas of de chocopasta? Wat wil de consument diep van binnen? Wat is daarbij de rol van de industrie en de supermarkt? 

Ik haal daar veel uit. Het geeft mij inzicht in wat er leeft, en wat we als overheid kunnen doen om de samenleving te versterken. Het is heel goed om hierover te blijven denken en praten.

Want achter dit soort vragen komen ook de issues vandaan die iets verder van ons bord af staan. Die gaan over grote mondiale opgaven: de groeiende behoefte naar voedsel wereldwijd, het afnemend landbouwareaal, de beschikbaarheid van water, fosfaat en mineralen, overschakeling naar een duurzaam energiesysteem, de klimaatverandering, de digitale ontwikkelingen, verandering in voedselgebruik, de deeleconomie, en de lange ketens van ons voedsel.  

In de wereld mag Nederland een klein land lijken, maar we staan wel op de kaart als innovatief voedselland.

We hebben met ons voedselsysteem een prima basis om daaraan te werken. Dat systeem steunt op samenwerking, waar jarenlang in is geïnvesteerd. Het is niet in één dag gebouwd. Met als resultaat dat consumenten jaarrond kunnen genieten van een gevarieerd aanbod van groenten, fruit, vlees, vis, en andere voedselproducten. Eten is overal verkrijgbaar, veilig, en in vergelijking tot een halve eeuw terug is het niet meer zo duur.  

Innovatie voor de toekomst

Laten we met het oog op de toekomst ook naar onze potentie kijken. In de wereld mag Nederland een klein land lijken, maar we staan wel op de kaart als innovatief voedselland. Drones kunnen data verzamelen over de groei van gewassen. De verwerkende industrie werkt met de nieuwste technologie. Grote bedrijven zoals Unilever zoeken aansluiting bij grote innovatieonderzoekscentra, zoals Wageningen. Of neem FrieslandCampina. Het bedrijf onderzoekt hoe je de wei, nu nog een restproduct bij het kaasmaken, in nieuwe producten kan gebruiken.

Weer andere bedrijven kunnen de producten bewaren, maar ook in een mum van tijd naar alle uithoeken van de wereld krijgen. Afval kan een nieuwe bestemming krijgen in mondiale kringlopen.

Ik heb er alle vertrouwen in dat onze antwoorden komen door veel te delen, en nog meer tegen te komen. Dat dan ook de oplossingen komen voor de grotere opgaven op hun eigen tijd en uur. Onder andere op Nederland Voedselland.

Het gesprek