‘Het ideale voedselkeuzelogo bestaat niet’
Een logo dat in de supermarkt in één oogopslag duidelijk maakt welke producten het beste passen in een gezond voedingspatroon. Zodat je gezonde keuzes kunt maken zonder dat je de voedingswaarde-informatie op de achterkant van de verpakking hoeft te ontcijferen. Klinkt als een goed idee, maar voor we aan voedselkeuze via een logo toekomen, is er de logokeuze zelf. Veel partijen hebben al wel een voorkeur uitgesproken, maar de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI) niet. Nederland Voedselland praat erover met FNLI-directeur Marian Geluk.

Er zijn een aantal kandidaten voor het voedselkeuzelogo. Er is het Franse Nutri-Score, dat ook in België en Spanje wordt gebruikt. De Consumentenbond sprak daar een voorkeur voor uit, net als de Nederlandse supermarkten en een aantal fabrikanten. Dan is er het Britse verkeerslichtsysteem, waarmee Coca-Cola recent in het nieuws kwam. In Scandinavië is er het Keyhole-logo, en in Nederland zou je ook nog een logo gebaseerd op onze eigen Schijf van Vijf kunnen voorstellen. Nutri-Score lijkt bezig aan een overwinningsmars, maar de FNLI lijkt nog geen uitgesproken voorstander. Waar wacht FNLI-directeur Marian Geluk op?

Marian Geluk

Marian Geluk, directeur FNLI.

De FNLI krijgt nog wel eens het verwijt dat het de keuze voor een logo loopt te vertragen.

‘Dat is eigenlijk heel gek. Wij houden ons gewoon aan de planning van het Preventieakkoord. Daarin is vastgelegd dat het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) in het najaar van 2019 een beslissing neemt, na een periode van onderzoek. Het lijkt nu alsof er een vertraging is omdat heel wat partijen al een voorschot op die keuze nemen, maar het proces is niet veranderd. Dit is de planning zoals we die met elkaar hebben afgesproken.’

Zo’n planning staat natuurlijk niet in de weg dat je zelf al een idee kunt hebben wat een goed logo is.

‘Klopt, maar als wij één ding hebben geleerd van het vorige voedselkeuzelogo, het Vinkje, dan is het wel dat het niet goed is als de industrie de afzender is. Mensen verwachten dat zoiets van de overheid komt. Daarom hechten wij eraan dat VWS de keuze maakt. Het moet autoriteit hebben. Dat krijgt het niet als de industrie het er zelf doorheen drukt. Daarom zijn wij er ook niet heel vocaal over. We pleiten wel voor een heel zorgvuldige invoering.’

Het ideale logo bestaat niet. Ze hebben allemaal nadelen. Dat komt natuurlijk ook omdat je alle informatie platslaat tot een logo dat in één oogopslag duidelijk moet zijn.

Over die zorgvuldigheid heb je vaak gesproken. Wat is je grootste angst?

‘Dat het logo zijn doel voorbijschiet. Kijk naar de invoering van de Nutri-Score in België. Daar opende De Standaard met de kop Zijn frietjes gezonder dan vis?. Omdat frietjes van aardappel zijn gemaakt en aardappel in de Nutri-Score als groente wordt gezien, scoren frietjes opeens een groene A. Zo’n kop in een grote krant doet meteen afbreuk aan de betrouwbaarheid van het logo. Of neem olijfolie. Volgens de Nutri-Score is dat ongezond, want vet. Maar niemand drinkt er een fles van leeg. Nutri-Score heeft dat inmiddels wel aangepast, maar olijfolie krijgt in de toekomst nog steeds een C. Voor mensen is dat verwarrend – die denken met olijfolie een relatief gezonde keuze te maken. Zo zijn er meer producten die naast een logo eigenlijk extra uitleg nodig hebben. Over dat soort dingen moeten we goed nadenken. Ik heb altijd gezegd: we kunnen zo’n voedselkeuzelogo nog één keer proberen, maar dan moeten we het wel goed doen. Niet weer overhaast iets invoeren.’

De Belgische krant De Standaard trok meteen na de invoering van de Nutri-Score in België de betrouwbaarheid van het logo in twijfel met de vraag 'Zijn frietjes gezonder dan vis?' – een conclusie die consumenten op basis van de Nutri-Score zouden kunnen trekken.

Maar is er een logo dat al die nuances wel kan weergeven?

‘Nee, het ideale logo bestaat niet. Ze hebben allemaal nadelen. Dat komt natuurlijk ook omdat je alle informatie platslaat tot een logo dat in één oogopslag duidelijk moet zijn. Dat kan eigenlijk alleen door de werkelijkheid geweld aan te doen. Maar als we duidelijk kunnen maken waar een logo handig voor is, en waar je als consument toch beter even de achterkant van de verpakking kunt lezen, dan komen we misschien tot een betrouwbaar en goed bruikbaar logo.’

Moeten we het eigenlijk überhaupt wel willen, zo’n voedselkeuzelogo?

‘Een logo kan een rol spelen in het geheel van voedingsvoorlichting. Maar er is niet één wonderlogo waardoor mensen hun eetgewoontes omgooien. Zo geldt dat voor meer zaken in het Preventieakkoord. Het gaat erom mensen vanuit allerlei kanten te stimuleren om meer te bewegen en gezonder te eten. Dat is de kracht van dit akkoord.’