Het is gedaan met de uitbuitbanaan

Anniek Schelling

Redacteur, Nederland Voedselland

‘Ik kon mijn ogen niet meer sluiten voor de misstanden in de bananensector’, zegt Franklin Ginus. ‘Het móést anders.’ Ginus was 24 jaar directeur bij bananenmultinational Chiquita, maar gaf die baan uiteindelijk op en startte een eigen bananenmerk: BeFrank Bananen. De eerste honderd procent ‘true price’-banaan ter wereld. Met die banaan willen Ginus en zijn compagnon een keten opzetten waarin de opbrengsten eerlijker verdeeld worden, zodat kleine telers en arbeiders in de productieketen een beter bestaan krijgen. Nederland Voedselland ontmoet Ginus samen met zijn bananenrijper in de hallen van een groente- en fruithandel.

Op het industrieterrein rijden vrachtwagens vol groente en fruit af en aan. De vrachtwagenchauffeur die voor ons rijdt, hangt met zijn elleboog uit het raam. Een lekker briesje waait in zijn cabine op deze snikhete zomerdag. Hij slaat linksaf, wij gaan naar rechts. We parkeren tussen alle trucks en bestelbusjes voor een van de gebouwen op het terrein. De ingang van de groente- en fruithandel blijkt lastig te vinden, totdat er plots een grote roldeur aan de zijkant van het gebouw omhoogvliegt. En daar staat de bananenrijper. Hij draagt een lange broek en een dik vest – een outfit die je niet verwacht op een zonnige dag als deze. Maar als we de groothandel binnenstappen, valt zijn kledingkeuze op zijn plek. ‘Als fruit rijp genoeg is, en het vanaf hier verder op transport gaat, moet de temperatuur in deze hal laag zijn – anders rijpt het fruit door. Daarom is het hier altijd maar rond de 15 graden’, vertelt hij. ‘Dus als je een vest wilt lenen, geef je maar een gil!’. Hij lacht erom en neemt ons mee naar de plek waar hij zijn fruitsoort zacht maakt en zijn aantrekkelijke kleur creëert: de bananenrijpingskamers.

Wist je dat het bijna negen maanden duurt voordat een banaan thuis in de fruitschaal ligt?

Een transparante banaan

‘Tijdens het rijpen van de banaan moet de temperatuur in de rijpingskamers rond de 15 á 16 graden zijn’, zegt de bananenrijper. Verderop is al een glimp van de kamers op te vangen. Het zijn grote cellen en alle roldeuren hebben een toepasselijke kleur: banaangeel. Voor een van de kamers staat Franklin Ginus, oud-directeur van Chiquita. Ginus werkte maar liefst 24 jaar als directeur in de Benelux, Frankrijk, Centraal- en Oost-Europa. Maar twee jaar geleden stopte hij bij de bananenmultinational. ‘Ik kon mijn ogen niet meer sluiten, het móést anders’, vertelt hij. ‘Ik loop al meer dan 25 jaar mee in de bananenwereld. En in al die tijd zijn er veel mooie initiatieven opgestart, maar toch bleek niemand in staat de bananenketen in zijn geheel duurzamer te maken.’ Daarom gaf hij zijn goede baan op en startte samen met zijn compagnon Randy van Dinter hun eigen duurzame bananenmerk: BeFrank Bananen. Met die banaan willen ze een keten opzetten waarin de opbrengsten eerlijk en transparant verdeeld worden, zodat kleine telers en arbeiders in de productieketen een menswaardig bestaan krijgen. 

Op de pallets naast ons staan blauworanje dozen op elkaar gestapeld. En daar binnenin liggen ze, de BeFrank-bananen. ‘Die komen net binnen uit Ecuador’, zegt Ginus. Hij opent een van de dozen en pakt er eentje uit. ‘Wist je dat het bijna negen maanden duurt voordat deze banaan thuis in de fruitschaal ligt?’, vraagt hij. Ginus lacht. ‘Geen zorgen hoor, veel mensen weten niet wat er allemaal bij de teelt van een banaan komt kijken.’

Franklin Ginus (rechts) en zijn compagnon Randy van Dinter staan voor hun blauworanje BeFrank-dozen waar de eerste 100% true price-bananen ter wereld in liggen.

Binnen zeven dagen rijp

Verderop staat een van de gele roldeuren open. De bananenrijper vouwt een van de andere dozen open die voor die kamer staat. De bananen zijn verpakt in speciaal transportplastic. Hij schuift het een beetje opzij, en zo te zien zijn ze nog niet geel. ‘Bananen worden zo groen mogelijk vanuit Zuid-Amerika getransporteerd, zodat ze langer goed blijven en minder snel beschadigen.’ Hij draait zich om naar de rijpingskamer. Hij slaat zijn armen open: ‘En dan begint hier mijn werk als bananenrijper’, zegt hij trots. ‘Ik regel het rijpproces, waardoor we de bananen in perfecte staat aan handelaren en supermarkten kunnen leveren. In deze ruimtes versnellen we het rijpen door de bananen zeven dagen met een hoge concentratie ethyleen te bewaren’. De rijper wijst naar het plafond in de kamer. ‘Met die ventilatoren regel ik de hoeveelheid ethyleen, dat allerlei enzymen in het fruit aanmaakt. Het rijpingsenzym amylase bijvoorbeeld zet zetmeel om in suiker, dat veroorzaakt de zoete smaak van fruit. En zo zorgt pectinase ervoor dat vrucht zacht wordt. Daarnaast zijn er enzymen die allerlei zuren neutraliseren en enzymen die de groene kleurstof chlorofyl afbreken. Dat geeft de banaan een gele kleur.’

Dinosaurussen in de bananenwereld

Volgens beide heren is geen dag in de bananenwereld hetzelfde. ‘Dat komt omdat de banaan een ontzettend gevoelig product is. Iedere banaan is anders. Als bananenrijper moet je continu alert zijn’, zegt de rijper. Ginus grapt: ‘Wij zijn de dinosaurussen van de bananenwereld.’ Ze kijken elkaar lachend aan. ‘We werken al zo lang in deze sector, maar toch maken we nog steeds dingen mee die we nog nooit eerder hebben meegemaakt. Die dynamiek maakt ons werk onzeker, maar ook heel mooi.’

Daarom is Ginus niet van plan om te vertrekken uit de sector. ‘Maar als het BeFrank-project niet lukt, stap ik wel uit de bananenwereld’, zegt hij plots ernstig. ‘In de productielanden gaan er kinderen zonder eten naar bed en werken er medewerkers in gescheurde en vieze kleding. Er ligt plastic langs de wegen, werken bananenplukkers zonder bescherming met bestrijdingsmiddelen, wordt er geen leefbaar loon betaald en zijn er nog steeds mensen zonder een zorgverzekering of pensioen. Dat raakt mij; daar wil ik iets aan doen.’

Een bananenplukker in een van de productielanden. Met BeFrank wil Ginus een keten opzetten waarin de opbrengsten eerlijk en transparant verdeeld worden, zodat kleine telers en arbeiders in de productieketen een menswaardig bestaan krijgen. 

Daarom is Ginus er in ieder geval zeker van dat zijn bananenmerk gaat slagen. ‘Als deze duurzame banaan het niet gaat maken, wil ik ook nooit meer iemand horen roepen over de verduurzaming van de bananensector!’, hij lacht erbij, maar in zijn stem is een zorgelijke ondertoon te horen. Vol overtuiging zegt hij meteen daarna: ‘We zijn met z’n allen verantwoordelijk voor een duurzame keten. Die goedkope prijzen moeten stoppen, en daarom zijn wij van BeFrank Bananen een ware bananenrevolutie gestart!’

Ook bij zo’n Fairtrade-certificering zijn veel zaken niet geregeld. En dat weten veel consumenten niet.

We lopen naar de bedrijfskantine achterin de grote groente- en fruithal. Al lopende praat Ginus verder. ‘De meeste bananen in de supermarkt zijn spotgoedkoop. Vaak maar € 0,99 cent per kilo, dat kan niet anders dan een ‘uitbuitbanaan’ zijn. Daarin zijn het slechte loon, de milieugevolgen, ongezond werk en wateruitputting niet opgenomen. Want die kosten worden niet doorberekend in de prijs, dus de consument ziet ze ook niet. Vandaar dat we het verborgen kosten noemen.’ Maar dat betekent niet dat die kosten verdwijnen. ‘Het is vaak de lokale gemeenschap die daarvoor moet opdraaien.’

'Fairder' dan Fairtrade

Ginus legt uit dat de bekende producenten, zoals Fairtrade, het over het algemeen goed voor elkaar hebben. ‘Het is geweldig dat er steeds meer consumenten bijkomen die Fairtrade-producten kopen’, zegt hij. ‘Maar ook bij zo’n Fairtrade-certificering zijn veel zaken niet geregeld. En dat weten veel consumenten niet.’ Volgens Ginus kan het nog veel beter. En dat wil hij bewijzen met zijn eerlijke banaan. ‘Wij gaan de verborgen kosten volledig meenemen in de consumentenprijs.’ Het geld dat daarbij vrijkomt, gebruikt BeFrank om sociale- en milieuprogramma’s in productielanden op te zetten. ‘Denk aan verzamelplaatsen voor afval en de juiste verwerking ervan of het produceren van een CO2-neutrale banaan. Ook willen we de huidige bananencontainers om laten bouwen tot huizen waar medewerkers en hun gezinnen in kunnen wonen.’

De omzetverdeling van een eerlijke banaan. Als de consument € 2,49 per kilo bananen betaalt, verdient volgens BeFrank Bananen iedereen in de keten een gezonde boterham. Van producent tot de supermarkt.

Wat is dan de prijs van een eerlijke banaan?

Volgens BeFrank Bananen heeft een eerlijke banaan de prijs van € 2,49 per kilo – en niet € 0,99 cent per kilo zoals de uitbuitbanaan. ‘Met die prijs kan iedereen in de keten een eerlijke boterham verdienen: de producenten, de exporteurs, de logistiek, de rijpers en de supermarkten en AGF-specialisten.’ Niet iedereen zal die prijsverhoging leuk vinden zegt Ginus. ‘Maar ik nodig bananenverkopers en consumenten van harte uit om juist trots te zijn op die verhoging. Met die prijs kunnen ze voor mensen in de keten en voor het milieu een redding zijn.’