KIDV: duurzame verpakking staat of valt bij circulair ontwerp
Karen van de Stadt

Karen van de Stadt

Verpakkingskundige, Kennisinstituut Duurzaam Verpakken (KIDV)

1737 keer bekeken

Voor de duurzame verpakking bestaat geen ‘one size fits all’ oplossing. De ontwikkeling verschilt per product, bedrijf en branche, wat van producenten en importeurs vraagt om keuzes te maken. Soms komen die keuzes samen, maar ze kunnen ook conflicteren. Hoe maak je dan de slag naar verduurzaming van verpakkingen? In de ontwerpfase van een verpakking is veel winst te behalen met circular design, stelt verpakkingskundige Karen van de Stadt. Door niet alleen op functionaliteit te focussen, maar ook al na te denken over het gebruik, de weggooi- en de afvalfase.

Wanneer is een verpakking duurzaam?

Een goede verpakking zorgt voor voldoende bescherming van het product tijdens transport, opslag en gebruik. Ook de marketingfunctie telt mee. Een duurzame verpakking biedt méér: die heeft zo min mogelijk impact op het milieu, zonder dat de kwaliteit van het verpakte product in het geding komt. De verpakking wordt zó ontworpen, geproduceerd en verwerkt, dat die weinig grondstoffen nodig heeft en – eenmaal uitgepakt – opnieuw kan worden gebruikt of gerecycled.

Bij duurzaam verpakken gaat het dus niet alleen om reductie van de hoeveelheid verpakking (minder materiaalgebruik) of het toepassen van duurzame verpakkingsmaterialen. Een verpakking kun je ook op andere manieren duurzamer maken, bijvoorbeeld door bij de productie verspilling van grondstoffen tegen te gaan. Of door duurzame technologieën, duurzaam opgewekte energie en zoveel mogelijk hernieuwbare of gerecyclede materialen te gebruiken. En door de verpakking precies op maat te maken en de logistiek zo efficiënt mogelijk in te richten.

De juiste combinatie van producteigenschappen en verpakkingseigenschappen

Aan het begin van de keten staat circular design. Door al in de ontwerpfase rekening te houden met de verschillende fasen in het verpakkingsproces, kan de milieu-impact zo laag mogelijk worden gehouden. Alleen als de milieubelasting van de combinatie van product en verpakking afneemt over de totale context, is een duurzame verpakking effectief. Overigens, de ecologische voetafdruk van producten zelf is meestal veel zwaarder dan die van de bijbehorende verpakking. Een duurzame verpakkingscombinatie is daarom altijd het resultaat van de juiste combinatie van producteigenschappen en verpakkingseigenschappen.

Het is de kunst om voor elke productverpakkingscombinatie de juiste balans te vinden tussen ‘under-packaging’ en ‘over-packaging’. Met andere woorden: niet te weinig verpakking zodat het product beschadigd kan raken of te snel bederft, maar ook niet onnodig veel verpakking. De vraag blijft ‘waar te beginnen?’ Als antwoord hierop heeft het Kennisinstituut Duurzaam Verpakken het model ‘Vijf perspectieven op duurzaam verpakken’ ontwikkeld, waarin duurzaam verpakken van verschillende kanten wordt belicht. Van de strategie van de onderneming tot het aankoop- en weggooigedrag van consumenten, van materiaalgebruik tot en met recycling. Het KIDV-model biedt handvatten om te komen tot verbeterde bedrijfsvoeringprocessen (minder uitval, minder afval, lager energieverbruik), zuinig omgaan met grondstoffen, of de keuze voor het gebruik van zoveel mogelijk mono-materialen omdat die makkelijker zijn te recyclen.

Model vijf perspectieven op duurzaam verpakken

In de levensmiddelenindustrie zijn inmiddels diverse voorbeelden te vinden van producenten en importeurs die hun verpakkingen hebben verduurzaamd. Voorbeelden hiervan zijn de toepassing van biobased en gerecycled kunststof in plastic flessen, een soepzak zonder aluminiumfolie, verpakkingspapier en -karton van landbouwafval, extra geconcentreerde producten zoals wasmiddelen en limonades, of doseerverpakkingen om de juiste hoeveelheid van een product te bepalen.

Focus op de totale verpakkingsketen

Bij verpakkingsontwikkeling ligt het accent vaak slechts op een deel van de verpakkingsketen, dat in de figuur met de groene pijlen is aangegeven. Het loopt vanaf de materiaalproductie tot aan het moment dat het verpakkingsmateriaal afval wordt. Dit is voor bedrijven die die hun verpakkingen willen verduurzamen ook het meest overzichtelijke deel van de keten. Meestal werken bedrijven goed samen met de toeleveranciers van de verpakkingsmaterialen en de afnemers en retailers die verantwoordelijk zijn voor de verkoop.

Het overige deel van de keten, dat in de figuur met lichtgrijze pijlen is aangegeven, heeft echter ook een grote invloed op de duurzaamheid van productverpakkingscombinaties. Dit deel loopt vanaf de afvalfase via grondstof naar de productie van verpakkingsmaterialen en sluit de keten voor een circulaire economie.

Door al in de ontwerpfase rekening te houden met de verschillende fasen in het verpakkingsproces, kan de milieu-impact zo laag mogelijk worden gehouden

Voorbeelden

Peeze: De capsules en de afdichtfolie zijn van polymelkzuur (polylactic acid, PLA) gemaakt, een biobased en composteerbaar materiaal.

Eosta natural branding: door met een laser het pigment uit het buitenste laagje van een schil te verwijderen, wordt het product gemerkt. De benodigde energie voor het aanbrengen van een merkje met natural branding is minder dan 1% van de energie die nodig is voor een sticker.


Wat doet het Kennisinstituut Duurzaam Verpakken?

Het Kennisinstituut Duurzaam Verpakken (KIDV) is in 2013 opgericht om bij te dragen aan een circulaire economie voor verpakkingsmateriaal. De meeste branches in Nederland hebben in de afgelopen jaren onder toezicht van het KIDV verduurzamingsplannen voor verpakkingen opgesteld (zie ook www.kidv.nl). Voor verpakkingsontwerpers biedt het KIDV samen met CIRCO een Circular Design Class  aan, een workshop over het circulair maken van je eigen verpakkingen.

Het gesprek