Kikkererwten van eigen bodem
Kikkererwten groeien in India, Australië, Amerika en Canada. Maar niet in Nederland. Of toch wel? Een Zeeuwse teler heeft al voor het tweede jaar een hectare met de voor hummus onontbeerlijke kikkererwten staan. En zijn opbrengst is hoger dan waar ook. Hoe speelt hij dat klaar?

‘Al is het dertig graden en loop je op het warmste moment van de dag door de kikkererwten, dan nog heb je een natte broek.’ Pieter Risseeuw streelt met zijn hand door het gewas. Die is meteen vochtig. Terwijl de grond kurkdroog is, staan de kikkererwten er fris bij, en zijn de planten zelfs nat.

‘Je kunt piepkleine druppeltjes aan de bladeren zien hangen, als je heel goed kijkt’, zegt Pieter. ‘De wortels van de kikkererwt gaan wel twee meter diep. Hij zuigt gewoon grondwater op.’

‘Het is een soort koelingsmechanisme’, zegt Marko Wolthuis, field manager bij HAK, die ook tussen de planten staat. 

‘Precies’, beaamt peulvruchtenspecialist Ben Thomaes van groothandelsbedrijf Termont & Thomaes. ‘Zo heeft de plant geen last van droogte.’

Teler Pieter Risseeuw (links) en HAK field manager Marko Wolthuis inspecteren de kikkererwten op het testveld in Schoondijke. Foto: Maarten Moonen

Een Franse zomer

Er staan niet elke dag zoveel mensen op een akker. Maar hier in het Zeeuwse Schoondijke gebeurt dan ook iets bijzonders: er groeien kikkererwten. Dat is al wel eens eerder geprobeerd in Nederland – in 2017 nog in Flevoland – maar het was nooit een succes. Vorig jaar probeerde Pieter Risseeuw het ook eens op een hectare. ‘Het werd een Franse zomer: heel droog. Dat ging goed’, vertelt hij.

Samen met HAK en Termont & Thomaes koos de boer voor een Canadese variant van de kikkererwt. Die had het zo naar zijn zin in de Zeeuwse grond, dat de plant bleef bloeien. ‘Eind september was-ie nog niet klaar’, vertelt Pieter. 

Dat is lastig, want ongeveer een week voor je peulvruchten kunt oogsten, moet de plant eigenlijk afsterven. De peulvruchten – kikkererwten in dit geval – krijgen in die week dan geen voedingsstoffen meer van de plant en rijpen af. Maar de erwten op het testveld in Schoondijke hadden het te veel naar hun zin – eind september was er nog geen teken dat de planten er klaar mee waren. ‘Toen heb ik de planten gemaaid, en ze een week op het land laten liggen’, legt Risseeuw uit. ‘Dat is een risico, want als het dán gaat regenen, verpietert je oogst helemaal. Maar het was het enige dat ik kon doen.’

De gemaaide kikkererwten lieten zich vervolgens lastig dorsen met de dorsmachine die Pieter doorgaans voor zijn bruine bonen gebruikt, maar het stond een goede opbrengst niet in de weg. De boer is zelf bescheiden over wat hij voor elkaar heeft gebokst, maar als zijn moeder even een foto komt maken van alle bezoekers op het kikkererwtenveld, kan ze niet nalaten om even de harde cijfers te benoemen. ‘In Canada staan duizenden hectares aan kikkererwten. Hun opbrengst is gemiddeld 2200 kilo per hectare. In India worden er nog veel meer kikkererwten geteeld – daar hebben ze wel een miljoen hectare. Dan zullen ze wel veel ervaring hebben, denk je dan, maar hun opbrengst is maar 1000 kilo per hectare.’ En wat doet Pieter op zijn ene hectare, zonder kikkererwten-ervaring? 3500 kilo.

Een peultje aan een kikkererwtenplant. In zo'n peul zitten meestal twee kikkererwten. Foto: Maarten Moonen

Jonge grond

Dat is wonderlijk. Kikkererwten gedijen het best in warme, droge gebieden. India is wereldwijd de grootste leverancier van kikkererwten; daarna komen landen als Australië en Pakistan. In Amerika en Canada worden ook veel kikkererwten verbouwd. ‘Daar haalden wij ze altijd graag vandaan’, zegt Marko Wolthuis van HAK. ‘De kwaliteit is daar een stuk beter dan in bijvoorbeeld India.’ Nog liever haalt HAK de kikkererwten uit eigen land, maar ons klimaat is niet ideaal. Met droogte kunnen de planten dankzij hun ingebouwde koelsysteem goed overweg, maar een natte Nederlandse zomer verdraagt de plant veel minder goed.  

Waarom lukt het een boer in Schoondijke dan toch? ‘We hebben jonge grond hier in Zeeuws-Vlaanderen’, zegt Ben Thomaes. ‘Die is maar een paar honderd jaar oud; heel vruchtbaar nog dus. Dat helpt. Het maakt onze grond geschikter dan Groningen of Brabant; daar haal je die 3500 kilo ook niet. Maar het is natuurlijk evengoed de kunde van onze boeren, die heel efficiënt werken. Dat moet ook wel, want de grond is hier veel duurder dan in India. Dan moet je ook een hogere opbrengst hebben om goed uit te komen aan het einde van de rit.’

Het is eigenlijk wachten op een slechte zomer. Het is tenslotte een experiment... dan leren we ook wat er dan gebeurt.

Kikkererwtenklimaat

Dit jaar staat er wederom een veld met kikkererwten in Schoondijke. ‘Het is weer een droge zomer, dus het gaat alweer goed’, zegt Pieter.

‘Het is eigenlijk wachten op een slechte zomer’, zegt Marko Wolthuis. ‘Het is tenslotte een experiment... dan leren we ook wat er dan gebeurt.’ Maar waarom zou je dat eigenlijk willen weten? Waarom blijft de Zeeuwse boer niet gewoon bij zijn bruine bonen, en laten we de kikkererwten aan India en andere verre landen? ‘De verwachting is dat we vaker droge zomers zullen hebben’, zegt Heidi Vercraeye van Termont en Thomaes. Pieter knikt. ‘Het klimaat verandert. Daar lopen we op vooruit’, zegt hij. 

Kidneybonen groeien hier nu ook in Schoondijke’, voegt Ben toe. ‘Zwarte bonen en groene erwten hebben we ook op proef staan. We hebben die gewassen allemaal laten liggen de afgelopen jaren, door terug te schalen naar vijf of zes producten. Nu wordt het toch weer interessant om het allemaal kort bij huis te verbouwen – zeker als dat door klimaatverandering nu ook beter kan.’

Naast klimaatveranderingen, is er nog een grote verandering die het interessant maakt om opnieuw te kijken naar peulvruchten die we normaal gesproken niet verbouwen in Nederland. ‘De vraag naar peulvruchten neemt toe’, zegt Heidi. ‘Bij kikkererwten ligt dat bijvoorbeeld aan het populairder worden van een gerecht als hummus. Maar ook de hele eiwit-transitie zorgt voor meer vraag naar peulvruchten, als alternatief voor vlees.’ Boer Pieter heeft zo zijn eigen motivatie om met kikkererwten aan de slag te gaan. Niet de eiwittransitie en ook niet de hummus. ‘Eerlijk gezegd zit er niet veel smaak aan een kikkererwt’, lacht hij. Zelf gaat het hem om de uitdaging. ‘Het is gewoon enorm leuk om met een nieuw gewas te experimenteren. Om met een soort die niet van hier is te kijken wat je ermee kunt doen. Ik had zelfs een hogere opbrengst dan met mijn eigen bruine bonen!’

Pieter Risseeuw tussen zijn kikkererwten. Zelfs op een warme, zonnige dag wordt je broek nat als je tussen de kikkererwten door loopt – er hangen altijd piepkleine waterdruppeltjes aan de planten. Foto: Maarten Moonen

Kikkererwten à la carte

Hoge opbrengst of niet, de hoeveelheid kikkererwten die van twee hectare afkomt, is voor een bedrijf als HAK niet groot genoeg om er een productielijn voor te laten draaien. Het is allemaal nog een kleine test. Dus vind je nu nog geen Nederlandse kikkererwten in de winkel. Wat er dan wel is gebeurd met die eerste oogst? ‘Die zijn in kleine hoeveelheden verkocht aan restaurants’, vertelt Heidi. Daar konden de koks iets op de menukaart zetten wat we niet gewend zijn te lezen: kikkererwten van Nederlandse bodem. 

‘Wij hopen dat de tests in Schoondijke goed blijven gaan, en dat we straks de productie op kunnen voeren’, zegt Marko. ‘Zodat over een tijdje iedereen kikkererwten van Nederlandse bodem kan eten. Dat is ons streven, bij HAK: zoveel mogelijk binnen een straal van 125 kilometer van onze fabriek halen. En niet van de andere kant van de wereld. Dat lukt al met 80 procent van onze groenten en peulvruchten. Hopelijk straks ook met de kikkererwten!’