Surinaamse roti is (g)een pannenkoek

Een van de bekendste gerechten in en uit Suriname is roti. Ook in Nederland heeft het gerecht de culinaire hartjes veroverd. Chefkok Ramon Beuk maakte er enkele jaren geleden zelfs een serie over, Terug Naar Mijn Roti, waarin hij probeerde een nieuwe versie van dit gerecht te maken. Ja, roti is een gerecht maar het is ook de naam van de… pannenkoek? Is het een pannenkoek, of familie daarvan? We gaan in Suriname op zoek naar antwoorden. 

Dit verhaal is geschreven door Christio Wijnhard, onze journalist in Suriname. 

Brood

De roti is eigenlijk een soort platbrood. Het is vergelijkbaar met de zachte variant van de Mexicaanse tortilla. Of met lawash, het gistloze platbrood dat gegeten wordt in bijvoorbeeld Afghanistan en Iran. Men zou het ook kunnen vergelijken met een uit de kluiten gewassen en flexibeler pitabrood, zoals in Israel. Deze verwante broodsoorten krijgen pas smaak na toevoeging van sausjes en beleg. Roti is van zichzelf al lekker.

Zelfst. Nmw. 

Een roti zonder beleg noemt men een blanco roti. Dan krijgt men dus slechts de ‘pannenkoek’. Dat brengt ons weer bij het zelfstandig naamwoord dat past bij deze broodsoort. Dat zijn er verschillende. De een noemt het een rotiplaat. De ander een rotivel. Een pannenkoek? Nee, niet in Suriname. Dat zal gelach opleveren.

Vooral omdat roti niet in een pan gebakken wordt.

Vulling

Goed, roti betekent letterlijk brood. Net zoals bij Westers brood zijn er varianten. Bij roti is dat gebaseerd op de vulling van ‘de pannenkoek’. We hebben het dus niet over het beleg.

Een ongevulde roti is een paratha roti. Is deze gevuld met aardappel, dan is het aloe roti. Is deze vulling gemaakt van gemalen gele erwten, dan is het een dahl roti.

Dit zijn de standaard varianten die je overal kunt krijgen. Daarnaast zijn er minder bekende varianten zoals de sikwa roti. Deze is gebakken zonder olie en wat dikker, bijna als een Turks brood. 

Groenten en vlees

Een lekker broodje heeft goed beleg dat alle delen van de tong streelt. Dat is bij de roti zeer zeker het geval. In Nederland kent men de roti als een pannenkoek belegd met kerrie kip, kerrie aardappelen en kousenband of sperziebonen.

En ja, je raadt het al. In Suriname, en andere landen in de regio, is er veel meer variatie.

Daar eten ze de roti met kip, lamsvlees of doks (eend), allemaal bereid in kerrie.  Naast kousenband kan men kiezen voor pompoen, spinazie, kool of aubergine als groenten. Vooral dat laatste is een aangename verrassing.

Even tussendoor, een leuk weetje. In Suriname staat de aubergine bekend als boulanger. Standaard uitgesproken als boelansjee maar soms, ergens ver van de stad Paramaribo, zegt men ook weleens bouwlanger. 

Smaken verschillen

Letterlijk!  Elke rotishop heeft een eigen unieke smaak van het rotigerecht. Dat komt door de kerriemix of de massala. Standaard ingrediënten zijn gemalen korianderzaad en komijn – die ken je wel van zijn typische smaak. Maar het zijn de verhoudingen tussen de ingrediënten die kenmerkend zijn voor een specifieke verkooplokatie. Vaak is dit een bedrijfsgeheim dat nooit prijsgegeven zal worden.

Wereldreis door de tijd

Als je bedenkt dat het ronde platbrood al vanaf 7000 voor Christus werd klaar gemaakt voor consumptie, kun je wel stellen dat roti en pannenkoeken al meer dan 10.000 jaar oud zijn.

Roti vind zijn oorsprong in de omgeving van wat wij nu als Nepal kennen. Het werd voor het eerst genoemd in de 16e eeuw in de Grondwet van Akbar, de toenmalige heerser van het Mogolrijk. Het is afgeleid van het Sanskriet woord rotika. 

Vanuit Azië namen de kruisvaarders de roti rond 1200 al mee naar Europa en nieuwe varianten wonnen hier snel aan populariteit. De Romeinen noemden het ‘Alita Docia’ (Latijns voor ‘wat zoetigs’) en Shakespeare schreef er wel vier keer over in zijn stukken rond 1600. Uiteindelijk werden dat dus bijvoorbeeld de pannenkoek in Nederland en de crepe in Frankrijk.

De roti is in de periode tussen 1873 en 1916 met de contractarbeiders uit Brits-Indie, specifiek uit Hindoestan (nu India), naar Suriname en het Caraibisch gebied gekomen. Roti komt naast Suriname ook voor in bijvoorbeeld Guyana en Trinidad & Tobago. Eigenlijk is er nu in elk land waar de Hindoestaanse contractarbeiders zijn neergestreken, een variant te vinden van wat ooit India heeft verlaten als een broodsoort.

Uiteindelijk, rond de onafhankelijkheid van Suriname in 1975, belandt roti met de migratiestroom vanuit Suriname ook in Nederland. Midnight Roti Shop vestigde zich in de jaren ’80 al in Den Haag en dat schijnt de oudste roti spot te zijn in het kleine kikkerland. Het is nu een populair (afhaal)gerecht dat, net als in Suriname, niet alleen door Hindoestanen maar alle culturen wordt gewaardeerd. 

Nederland heeft geluk: naast de Hollandse variant, kan je ook een echte Surinaamse ‘pannenkoek’ eten… 😉 De pannenkoek cirkel is rond.

Hoe een klein land groot kan zijn

Voedselproductie, dat is waar ons kleine land groot in is. Toch zullen we nog veel grootser moeten denken voor een duurzame toekomst. 

Wij vertellen over de zoektocht van de sector. Eerlijke verhalen over kleine en grote stappen, en over misstappen. We kijken buiten de grens, in ons land, en bij ons thuis.

Ook interessant
Industrie ziet in preventieakkoord een krachtige gezamenlijke aanpak