Waarom is het zo lastig om van plastic af te komen?

Redactie Nederland Voedselland

Elk ecologisch probleem heeft wel een iconisch beeld. Zo is de plasticsoep onlosmakelijk verbonden met de World Press Photo van een zeeschildpad die verstrikt zit in een afgedankt visnet. Om daar iets aan te doen, hebben Europese milieuministers met elkaar afgesproken dat er vanaf 2021 nieuwe regels komen. Zoals het verbod op rietjes en plastic bestek, en het invoeren van statiegeld op kleine flesjes. Maar van plastic afkomen, is lastig. Waar ligt dat aan? Hilke Bos-Brouwers van Wageningen University & Research en Amber Harms van voedingsmiddelenconcern Nestlé nemen ons mee in een paar dilemma's.

Amber Harms, duurzaamheidsspecialist bij Nestlé, steekt van wal met een eerste dilemma: het garanderen van de voedselveiligheid – dat voor een voedingsmiddelenconcern als Nestlé de hoogste prioriteit heeft. ‘Verpakkingen helpen die veiligheid te garanderen en producten te beschermen tijdens het transport.’ Daarom is het soms lastig om minder plastic te gebruiken. Senior wetenschapper en projectleider duurzaamheid Hilke Bos-Brouwers geeft een voorbeeld: ‘Een komkommer zit vaak verpakt in plastic. Zonder is hij minder lang houdbaar en gooi je hem sneller weg. Voedselverspilling dus. Dat is zelfs nog slechter voor het milieu. Soms 'wint' plastic dan toch.’

Af en toe is het materiaal dus nodig. Daarnaast zijn alternatieven, zoals papier of glas, niet altijd milieuvriendelijker. Dat brengt Harms bij een tweede dilemma. ‘In de media hoor je vaak dat we van het plastic af moeten. Maar de alternatieven moeten we heel zorgvuldig overwegen’, vertelt ze. ‘De milieu-impact van een verpakking hangt af van de toepassing, de markt en de geografische situatie. Én naar welk milieuaspect je kijkt.’ Een voorbeeld is de papieren fles van de Deense bierbrouwer Carlsberg. De verpakking draagt bij aan hun CO2-doelstellingen, maar dat wil niet zeggen dat hun watervoetafdruk beter is.

Bedrijven kun je makkelijker aanspreken op hun verantwoordelijkheid. Maar dat betekent niet dat alléén het bedrijfsleven verantwoordelijk is voor het plastic probleem.

Afvalmanagement verbeteren

Een derde dilemma: afvalmanagement is complex. In Nederland financieren de verpakkende bedrijven de inzameling en recycling van verpakkingen. Ze betalen een zogenoemde afvalbeheerbijdrage aan het Afvalfonds Verpakkingen. Voor gemeenten dekt dat de kosten voor inzameling en recycling van huishoudelijk verpakkingsafval. Maar een vrij goed geregelde afvalrecycling, zoals in Nederland, geldt niet voor elk land. Bos-Brouwers: ‘In veel ontwikkelingslanden moet je blij zijn als afval überhaupt opgehaald wordt. Laat staan dat er gescheiden inzameling en recycling is. Nederlandse bedrijven zouden andere landen meer kunnen helpen om het afvalmanagement te verbeteren.’ Harms vult aan: ‘Zo helpt Nestlé al in een aantal Zuidoost-Aziatische landen met het opzetten van het afvalmanagement.’

Gerecycled plastic is duurder dan nieuw plastic

Tenslotte is gerecycled plastic al een tijd duurder dan nieuw plastic, dat 'virgin' plastic heet. ‘Bij een lage aardolieprijs kan gerecycled plastic wel anderhalf keer zo duur zijn’, zegt Bos-Brouwers. Harms wijst erop dat Nestlé bereid is om daar meer voor te betalen. Zo heeft het bedrijf al bijna twee miljard euro gereserveerd voor hoge kwaliteit gerecycled plastic. Bos-Brouwers waardeert zo'n inzet. ‘Het is mooi om te zien dat verpakkende bedrijven de doelstelling hebben om zoveel mogelijk gerecycled plastic te gebruiken – ongeacht de prijs. Want prijstechnisch is dat niet altijd de beste optie. Daarmee zie je dat dit soort veranderingen puur gedreven worden door andere factoren, zoals het gebruik van minder grondstoffen en een lagere milieu-impact.’

Bedrijfsleven belangrijk onderdeel van de oplossing

Zoals Nestlé eerder op Nederland Voedselland noemde, is er helaas geen tovermiddel om het plastic probleem een keer op te lossen. Maar een manier om te laten zien dat Nestlé van plan is om de plasticketen te vereenvoudigen, is door het Plastic Pact te ondertekenen. Samen met meer dan zeventig bedrijven en milieuorganisaties heeft de multinational de ambitie om in 2025 alleen nog plastic producten en verpakkingen op de markt te brengen die ze kunnen hergebruiken of recyclen.

Sommige wetenschappers en maatschappelijke organisaties zijn kritisch op de haalbaarheid van het pact. Bos-Brouwers is optimistischer: ‘Het is vooral een goed instrument om het plastic probleem te agenderen en ervoor te zorgen dat de keten met elkaar in gesprek gaat. Dit soort initiatieven zijn er niet om het probleem binnen een dag op te lossen, maar wél om te laten zien dat het anders kan. Het veranderen van dat systeem heeft tijd nodig.’

Nestlé kan andere bedrijven inspireren en activeren om samen de weg in te slaan naar een circulaire economie voor plastic.

Dat grote partijen als Nestlé zich committeren aan zo'n soort samenwerkingsovereenkomst, is de weg naar voren vindt Bos-Brouwers: ‘Bedrijven kun je makkelijker aanspreken op hun verantwoordelijkheid. Dat betekent niet dat alléén het bedrijfsleven verantwoordelijk is voor het plastic probleem. Maar zij zijn wel een belangrijk onderdeel van de oplossing.’ Uiteindelijk moeten niet alleen de voorlopers hun verantwoordelijkheid nemen, zegt Bos-Brouwers tot slot. ‘Er zijn genoeg bedrijven die zich in de plastickwestie nog zichtbaar stilhouden. Hopelijk kan een koploper als Nestlé andere bedrijven inspireren en activeren om samen de weg in te slaan naar een circulaire economie voor plastic.’