Wennen aan de smaak van gezondheid

Redactie Nederland Voedselland

Als je met een bos wortelen, een paprika en een zak aardappelen de supermarkt verlaat, heb je al snel het gevoel dat je gezond bezig bent. Maar bij de meeste mensen zitten er ook andere producten in hun boodschappentas. Producten met meerdere ingrediënten. Met zout en vet, of suiker. ‘Ongezond’, knaagt het dan aan je. Maar het gemak van niet alles zelf hoeven bereiden, is je ook wat waard. En je vraagt je af: kunnen de woorden lekker, gemakkelijk en gezond eigenlijk wel samengaan? We vragen het bij Royal Smilde Foods, waar ze veel van die gemakkelijke producten maken. ‘Mensen moeten wennen aan de smaak van gezondheid.’

‘Smilde’ zegt je misschien niet zo veel. Het staat niet als merknaam met grote letters op producten in de supermarkt. ‘Maar als ik bij mensen de koelkast open zou trekken, dan is de kans groot dat ik daar iets van ons zie staan’, zegt Geert Frank, marketingmanager van Royal Smilde Foods. Het Friese familiebedrijf bestaat al 150 jaar, heeft klanten in 60 landen en levert in Nederland aan bijna alle retailers. De hartige taarten van The Pie Factory en de hummusspreads van Humminess bijvoorbeeld. Maar ook de frietsaus van McDonald’s en het saucijzenbroodje dat je op Schiphol bestelt, zijn van Smilde. ‘Het is onmogelijk ons te missen – alleen weten de meeste mensen dat niet’, zegt Frank.

Geert Frank, marketingmanager
bij Royal Smilde Foods

Lekker, makkelijk én gezond

Al die producten hebben één ding gemeen: ze spelen in op gemak. Convenience, zoals de voedingsindustrie dat noemt. Het zijn kant-en-klare salades, quiches die je alleen nog op hoeft te warmen, en noem maar op. Juist over deze voedingsmiddelen is nogal eens discussie. Omdat ze te zout of te vet zijn, of omdat het om 'ultrabewerkt' voedsel gaat en ze doorgaans ook niet in de Schijf van Vijf staan. Misschien dat Royal Smilde Foods dus bij uitstek het bedrijf is om aan te vragen: gaan lekker, gemakkelijk én gezond wel samen?

Mensen moeten wennen aan minder suiker en minder zout. Zou je in één keer naar nul gaan, dan zet je een veel te grote stap.

Op zoek naar gezond

‘Het is onmiskenbaar: mensen zijn op zoek naar gezond’, zegt Frank. ‘En dat betekent ook dat mensen anders naar eten kijken. Ze willen bijvoorbeeld zien wat ze eten. Daar moeten wij rekening mee houden. Als mensen een aardappelsalade kopen, willen ze zien dat er aardappel in zit. Dan moeten er dus stukjes aardappel in, in plaats van dat we een moes maken waarin individuele ingrediënten niet meer herkenbaar zijn.’

Stukjes aardappel of een gepureerde aardappel maakt niet veel verschil qua gezondheid, maar het voorbeeld laat zien dat de vraag om gezondere voeding verder gaat dan alleen de receptuur. De hele perceptie van voedsel verandert. ‘Kijk naar potjes babyvoeding’, zegt Frank. ‘Tegenwoordig vinden mensen het niet fijn als daarop staat dat het tot 2024 goed is.’ Daarom heeft Smilde de afgelopen tijd meer dan negentig producten een update gegeven. ‘Er zit minder zout, suiker en vet in’, vertelt Frank. ‘Dat klinkt eenvoudig, maar je moet constant blijven testen of je niet te grote stappen zet. Allereerst vervult zout in veel producten ook een conserverende functie en voedselveiligheid mag nooit in het geding komen. Daarnaast is het een gewenningsproces: mensen moeten wennen aan minder suiker en minder zout. Zou je in één keer naar nul gaan, dan zet je een veel te grote stap.’

Ronald Prince, CEO van Royal Smilde Foods

Niet in één keer naar nul

Ronald Prince, CEO van Royal Smilde Foods, bevestigt dat. ‘Er is een bekend voorbeeld uit Engeland. Een jaar of vijf geleden verlaagden ze daar in één keer drastisch de hoeveelheid zout in voedingsmiddelen. Er is nog nooit zo veel tafelzout verkocht.’ Want als mensen eten te flauw vinden, zouten ze zelf bij. En meestal schudden ze dan meer zout op hun bord dan de fabrikant heeft verminderd. ‘Het is de weg der geleidelijkheid’, zegt Prince. ‘Mensen moeten wennen aan de smaak van gezondheid. En dat doen we met elkaar. Consumenten, producenten, retailers... die weg der geleidelijkheid moeten we samen volgen. Als één partij opeens een sprint neemt, dan werkt het niet. Dat zie je aan zo’n voorbeeld uit Engeland.’

Mensen hebben geen idee dat wij 24 uur per dag bezig zijn om onze producten duurzamer, gezonder en eerlijker te maken.

Omdat Smilde dit hele proces van minder zout, suiker en vet als een gezamenlijk doel ziet, wil het bedrijf er ook niet mee prijken. ‘Dit is een gezamenlijk doel’, zegt Frank. ‘We willen er niet mee concurreren’. Maar dat doel is niet altijd eenvoudig. ‘Wij hebben klanten, retailers, die juist willen differentiëren’, zegt Prince. ‘Vaak gaat het dan om snelheid. Die klanten willen dan eerder dan de rest een stap terugdoen in de hoeveelheid zout of vet. Juist om zich te onderscheiden. Die zeggen dan: voer het bij ons alvast in september door, in plaats van in oktober. Maar dat maakt alles alleen maar onnodig complex. Ook voor de consument. Dat hebben we liever niet.’

Natuurlijke smaak-boosters

Los van de weg van geleidelijke gewenning, is het voor bedrijven als Smilde ook zaak om smaakvervangers te vinden. Ingrediënten die bijvoorbeeld een mindering van zout kunnen compenseren. Zodat een gerecht met minder zout toch niet flauw smaakt. ‘We zoeken naar natuurlijke smaak-boosters’, zegt Frank. ‘Umami biedt veel mogelijkheden.’ Umami is de vijfde basissmaak, naast zoet, zout, zuur en bitter. Het woord komt uit het Japans, en betekent ‘heerlijkheid’ en ‘hartig’. ‘Het zit bijvoorbeeld in champignons’, vervolgt Frank. ‘Daar kun je het uit halen, en als poeder gebruiken in andere recepten. Het werkt als een natuurlijke smaakversterker.’

Zeewier is een ander voorbeeld’, voegt Prince toe. ‘Het versterkt de smaak, het maakt vlees malser... een selleriesalade met zeewier is gewoon veel lekkerder. En zeewier is volop te krijgen. De bron is haast onuitputtelijk.’ 

Hoe interessant ook, Smilde is dus niet van plan om bijvoorbeeld ‘Nu met zeewier!’ of ‘Umami-versterkt!’ op de verpakking te zetten. ‘Mensen hebben vaak geen idee dat wij zo'n beetje 24 uur per dag bezig zijn om onze producten duurzamer, gezonder en eerlijker te maken. Terwijl dat bij ons bovenaan elke agenda staat. Het is onze corebusiness. Ik zou weleens tegen mensen willen zeggen: wéét dat, vertrouw erop.’